ZONDER STOK OUD, TOCH STOKOUD

Vrijdag, 5 februari 2010,
We waren met 4 kinderen in ons gezin, de oudste was Jaap, geboren op dinsdag 5 februari 1924, mijn zusje Ludy was ruim 1 1/2 jonger, dan kwam ik en na mij Johan, de jongste van het stel, 8 1/2 jaar jonger dan Jaap. We hadden een fijn gezin waar ik wel eens buitenbentje was.

We woonden aan de Singel, recht tegenover de R.K-kerk met pastorie die gelegen was in een mooie tuin, in mijn ogen een soort ‘Hof van Eden’ waar ook appelbomen stonden en waarvan wij niet mochten plukken. Dat deden mijn zusje en broers ook niet, maar ik – met een paar buurjongens – deed dat wel; we namen echter niet meer mee dan het hoognodige, met begrip voor en dus met inbegrip voor de verlangens van de achterblijvers. Zij verklikten ons niet zodat de opbrengst van de ‘raid’ eerlijk werd gedeeld.

Voor het geval we met tegenslagen te maken zouden krijgen en letterlijk ‘met lege handen’ zouden terugkeren, dan was er nog geen man over boord, onze moeder had altijd fruit in huis.

Bovendien had mijn opa Meertinus Meijering, naar wie ik was vernoemd, in zijn gereformeerde pastorietuin ook appel- en andere fruitbomen en -struiken.

Maar ondeugd zit er kennelijk diep in, hoewel de appels van opa en oma hartstikke lekker – en vaak ook wormstekig waren, hadden de appels van ‘meneer-‘ en ‘mevrouw pastoor’ een speciaal smaakje, iets zondigs.

En daar waarschuwde onze opa altijd zo tegen.

Mijn zusje Ludy en mijn broer Johan zijn helaas niet meer op deze aarde, mijn broer Jaap nog wel, ik heb hem (en zijn vrouw Eef) vandaag telefonisch – bezoeken kon niet – gefeliciteerd met zijn 86e verjaardag.

P.S. Dit is maar een klein stukje blog van een groter geheel dat is vastgelopen, mogelijk volgt dat nog als het ‘schip’ weer vlot getrrokke
n is.

Dit bericht is geplaatst in Algemeen. Bookmark de permalink.

Één reactie op ZONDER STOK OUD, TOCH STOKOUD

Reacties zijn gesloten.